Fietspaden zijn er voor meer weggebruikers dan alleen fietsers. Foto: Omroep Gelderland

Fietspaden zijn er voor meer weggebruikers dan alleen fietsers. Foto: Omroep Gelderland

HEERDE - Het wordt de laatste jaren steeds drukker op de Gelderse wandel- en fietspaden en steeds vaker komen allerlei weggebruikers elkaar er tegen. Is onze Gelders infrastructuur nog wel berekend op al die verschillende gebruikers? En hoe houden we het met elkaar gezellig onderweg?

"Er valt op sommige plekken nog een wereld te winnen", zegt directeur Eric Nijland van Landelijk Fietsplatform. "Op de Posbank en bijvoorbeeld langs de rivieren is het op zondagmiddagen heel druk. Toch zijn het niet overal dezelfde problemen en je moet ook niet alle paden drie meter breed asfalteren. De onverharde weggetjes in de Achterhoek hebben ook hun charme. Het moet maatwerk zijn."

Meer weggebruikers

"Het is druk geworden op de wegen", zegt ook Ivo Smit van de Fietsersbond afdeling Gelderland. "Teveel mensen op te weinig infrastructuur. De infrastructuur groeit wel, maar mondjesmaat. En er zijn allerlei nieuwe gebruikers bij gekomen: ATB'ers, e-bikes, speed pedelecs en die hebben allemaal heel andere snelheden. Tel daarbij op dat sinds corona meer mensen zijn gaan wandelen en dat er te weinig en te smalle fietspaden zijn en dan weet je dat dat problemen gaat geven."

Ook de wielersportbond NTFU merkt de toegenomen drukte. Met een cursus wegkapitein proberen ze hun leden te helpen het veilig te houden. "Die wegkapiteins moeten binnen hun wielerclub de veiligheid checken en mensen bewust maakt van zijn of haar rol in het peloton", zegt Paul van Dam, instructeur van de NTFU. "Dat gaat door een stukje theorie, maar vooral ook de weg op met elkaar om elkaar bewust te maken van de keuzes die je onderweg maakt en waarom je die wel of niet moet maken."

Volgens Van Dam zijn er verschillende plekken in Gelderland die gevaarlijk kunnen zijn. "Vooral de kleine dorpen moet je als peloton proberen te vermijden. Als je vanuit Zwolle naar Harderwijk gaat, moet je door Elburg. En dan weet je dat daar heel veel verschillende weggebruikers tegenkomt: e-bikers, speed pedelecs, paarden misschien. Als je daar als wielerclub doorheen gaat, weet je dat het spannend wordt. Dan adviseren we om die te mijden. En op bepaalde plekken op de Veluwe moet je 's middags om een uur of half vier, vier uur, niet gaan racen. Want dan rijden daar grote groepen scholieren en dat gaat irritatie geven. "

'Provincie moet regie pakken'

Het Landelijk Fietsplatform denkt dat er ook nog winst te halen valt bij het aanpassen van de infrastructuur. Directeur Eric Nijland: "Op sommige plekken is die dertig jaar oud en in die tijd is er natuurlijk heel veel veranderd. Daarin zijn de overheden (gemeente, provincie, red.) aan zet. Samen met de terreinbeheerders als Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer. Maar de provincie zou daarin de regie moeten pakken."

Dat vindt ook Ivo Smit van de Fietsersbond: "Ze moeten gaan begrijpen dat een fietstunnel ook belangrijk is en niet alleen de A15. Want als we daarover beginnen, roept de provincie meteen: dat kost 3 miljoen! En dan zeggen wij: daar heb je nog geen klein stukje A15 voor."

Kleine ingrepen

Toch hoeft het niet overal grootscheeps aangepakt te worden, denkt Nijland. "Er zijn ook kleinere ingrepen die een groot verschil kunnen maken; soms is er een mooie verharde weg aangelegd, maar zijn de randen bij zo'n fietspad te hoog, een scherpe verkanting noem je dat. Dan gaan fietsers juist meer op het midden van de weg fietsen om bij die rand weg te blijven en dan komt er een tegenligger aan en moeten ze plotseling uitwijken en dan gaat het fout en gaan ze onderuit."

Vriendelijk

Maar alle partijen lijken het erover eens dat er veel te winnen is bij het motto: elkaar de ruimte geven. Van Dam van de NTFU: "Verplaats je in de ander. We hebben allemaal op verschillende momenten een verschillende pet op: de ene keer ben je wielrenner, dan weer automobilist of voetganger. Als je vriendelijk blijft, maak je het allemaal draaglijker. Als je als wielerclub aan komt rijden: bel even en zeg als voorste wegkapitein: we heb acht mensen bij me en als laatste: 'ik ben de laatste'. En groet gewoon 'goedemorgen', 'goedemiddag'. Dan is het gewoon gezelliger. Leven en laten leven."

Deel dit artikel